Werkwijze

De rekenkamercommissie doet onafhankelijk onderzoek naar met name de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid. Heeft het beleid de gewenste resultaten opgeleverd, en is dit tegen zo min mogelijk kosten tot stand gekomen?
De rekenkamercommissie werkt volgens een onderzoeksprotocol. In dit onderzoeksprotocol staat hoe de commissie een onderzoek uitvoert volgens onderstaande stappen:

1. Inventarisatie/selectie van onderzoeksonderwerpen

De rekenkamercommissie is onafhankelijk. Dit betekent dat de rekenkamercommissie zelf bepaalt wat zij onderzoekt en hoe. De rekenkamercommissie benadert (een afvaardiging van) de raden actief om onderzoeksonderwerpen in te brengen. De rekenkamercommissie kan ook anderen in de gelegenheid stellen om onderwerpen aan te dragen. Te denken valt hierbij aan het college van B&W en organisaties en inwoners uit de betreffende gemeenten.

De rekenkamercommissie stelt jaarlijks een jaarplan op. Hierin is ook het onderzoeksprogramma voor dat betreffende jaar opgenomen.

2. Opstellen onderzoeksopzet

Voor ieder onderzoek stelt de rekenkamercommissie een onderzoeksopzet vast. Dit vormt het uitgangspunt voor het onderzoek. In de onderzoeksopzet staat over het onderzoek:
- de aanleiding en achtergrond
- het doel
- de onderzoeksvragen
- de onderzoeksaanpak
- het normenkader (indien van toepassing)
- de planning.

3. Startgesprek

Een onderzoek start met een gesprek tussen de rekenkamercommissie en de gemeente. In dit gesprek geeft de rekenkamercommissie een toelichting op de onderzoeksaanpak. Ook worden werkafspraken gemaakt. Daarnaast bespreekt de rekenkamercommissie hoe zij met gegevens omgaat en hoe zij de benodigde informatie zo snel mogelijk kan krijgen, zonder de gemeente onevenredig te belasten.

4. Uitvoeren onderzoek

De rekenkamercommissie voert haar onderzoek uit volgens de onderzoeksopzet en de afspraken die met de gemeente zijn gemaakt. Voor het verzamelen van gegevens past de rekenkamercommissie verschillende methoden van onderzoek toe, zoals dossier- en documentenonderzoek, interviews, enquêtes en workshops. Op basis van de onderzoeksbevindingen stelt de rekenkamercommissie een concept-rapport op.

5. Hoor en wederhoor

De rekenkamercommissie stuurt het concept-rapport op naar de gemeente met het verzoek het rapport te controleren op feitelijke onjuistheden (de technische reactie). De rekenkamercommissie corrigeert indien nodig, waarna de conclusies en aanbevelingen van het onderzoek worden toegevoegd. Dit eindrapport legt de commissie voor aan het college van burgemeester en wethouders met het verzoek om een bestuurlijke reactie. Deze reactie van het college staat integraal opgenomen in het definitieve eindrapport, met een nawoord van de rekenkamercommissie.

6. Rapportage en nazorg

De rekenkamercommissie biedt het eindrapport aan de gemeenteraad aan. Het is nu aan de gemeenteraad om het rapport van de rekenkamercommissie te behandelen en aan te geven welke aanbevelingen zij uit het rapport overneemt.
Na twee tot drie jaar na het afronden van een onderzoek, blikt de rekenkamercommissie terug in hoeverre de gemeente de overgenomen aanbevelingen van het onderzoek heeft uitgevoerd.